In gesprek met… Efe Boray
Bij Voor Democratie zetten we ons in voor meer mbo’ers in de politiek. Om dat te bereiken organiseren we onder andere een cursus voor mbo’ers die politiek actief willen worden. Efe Boray is oud-deelnemer en kandidaat-gemeenteraadslid te Almere. Waarom wil hij politiek actief worden? En wat geeft hij voor tips mee?
Vertel, Efe, wie ben jij?
Ik ben Efe Boray en ik ben kandidaat op de gezamenlijke lijst van GroenLinks/PvdA Almere voor de verkiezingen van 2026. Ik wil een stem zijn voor groepen die je niet zo vaak hoort in de gemeenteraad: jong en mbo’er. Ik vind het belangrijk dat de politiek divers is, omdat je verschillende verhalen nodig hebt om goed beleid te maken. Als iedereen mee kan praten, dan krijg je ook een systeem dat voor iedereen werkt.
Hoe ben je in de politiek beland?
Ik dacht altijd dat de politiek iets was waar je lang voor moest studeren. Omdat ik me wel graag bezighoud met maatschappelijke onderwerpen ben ik begonnen met een opleiding Mbo Juridisch, maar uiteindelijk uitgekomen bij een Mbo Journalistiek-opleiding. Onrecht aankaarten, verhalen vertellen en onderzoek doen. Ik heb tijdens mijn opleiding stage gelopen bij wethouder Dennis de Vries (PvdA Utrecht) en ben vicevoorzitter geweest bij JOB MBO. Daar is mijn politieke vuur gaan branden. In de politiek kun je ook echt dingen veranderen. Dat wilde ik dus ook doen, ook vanwege het onrecht wat ik zelf heb meegemaakt. Ik wil opstaan voor anderen en de stemmen versterken van mensen die niet makkelijk kunnen meepraten.
Wat voor advies geef je aan je jongere zelf?
Altijd blijven doorgaan. Je krijgt vaak nee te horen als je jong en mbo’er bent. Mensen denken dat je nog niks snapt van de wereld, terwijl je eigenlijk heel veel kennis hebt. Toch word je gezien alsof je het niet begrijpt. Ik moet me eerst extra hard bewijzen. Dat is moeilijk, maar het is belangrijk om door te zetten. Ik doe het namelijk niet voor mezelf, maar ook voor de mensen die ik vertegenwoordig.
Waarom moeten er meer mbo’ers in de politiek actief worden?
Maar een klein deel van de politici is mbo’er. Dat zie je terug in de taal die politici gebruiken, maar ook in het beleid. Heel veel problemen die spelen onder mbo’ers zijn niet bekend binnen die bestuurscultuur. Mbo-studenten vinden minder makkelijk een woning. Maar ook na de opleiding geldt dat bepaalde onderwerpen minder spelen bij politici die een andere opleiding hebben gedaan: in praktische beroepen werk je soms met schadelijke stoffen. Dat soort problemen wordt sneller besproken als er meer mbo’ers in de politiek actief zijn.
Welke drempels kwam jij tegen?
Veel mensen die in de politiek zitten hebben in hun studententijd een bestuursjaar gedaan. Dat geeft je skills voor de landelijke of lokale politiek. Als mbo’er kom je veel moeilijker in een studentenraad terecht. Je moet er echt een passie voor hebben. Dat schrikt mensen af. En dat is heel erg zonde.
Wat is soms moeilijk in de politiek?
Je moet goed leren omgaan met publieke kritiek. Er wordt veel over je gezegd en je kan weinig terugzeggen. Daarnaast moet je als jongere in de politiek wel echt voor je plek vechten. Heel veel mensen die er zitten, zijn wat ouder en vinden dat ze meer ervaring hebben dan jonge mensen. Je moet dus hard je best doen om te laten merken dat jij ook recht hebt om aan tafel te zitten en mee te praten.
Wat heb je geleerd van de cursus ‘Mbo’er en de politiek in’ bij Voor Democratie?
Ik heb heel veel geleerd! Vooral van de andere deelnemers. Ik kreeg hierdoor goed inzicht in welke stappen ik al had gezet, maar ook welke ik nog kon zetten. Maar ook het schrijven van een politieke speech en die ook uitspreken voor een groep, dat was heel nuttig om te leren. Het was een kleine groep, waardoor we goed met elkaar konden oefenen en we veel begeleiding konden krijgen. Ik zou dus zeker aanraden om mee te doen.
Verder lezen
Gerelateerde verhalen
Meelezen?
Nieuwe verhalen direct in je inbox
Laag-frequent, geen reclame. Alleen essays, evaluaties en updates rond ons werk.